START

RECREATIE

MAGAZINE

NATUUR

HISTORIE

EDUCATIE

OVER ONS

LOGIN

 
 
Bomen Planten Insecten Libellen Vlinders Vogels Vissen Zoogdieren

Distelvlinder (Nymphalidae)
Maximale afmeting:Vleugelspanning: 50 - 60 mm.

De distelvlinder is een goede vlieger. Dat moet ook wel want hij legt aanzienlijke afstanden af tijdens de trek. De eerste exemplaren komen, afhankelijk van de windrichting op hun tocht, in de maand mei bij ons aan. Heeft hij goed de wind mee kan hij al in april aankomen. De exemplaren die uit Noord-Afrika komen hebben er soms wel meer dan 1000 kilometer op zitten.

Andere komen vanuit Zuid- Europa wat toch ook nog een flinke afstand moet zijn voor zon kleine vlieger. Gemiddeld halen de Distelvlinder tijdens deze trektocht snelheden van 15 kilometer per uur.
De vlinderstruik (hoe kan het ook anders) is naast de akkerdistel en diverse soorten andere tuinbloemen een geliefde plek van deze vlinder. Ze voeden zich met de nectar van deze planten.

Een enkele vlinder trekt zelfs over zee naar IJsland en menig maal verrast hij de zeeman die midden op zee ineens een vlinder aan zich voorbij ziet komen.
De distelvlinder is niet bestand tegen ons klimaat en moet dus voor de koude van de herfst weer weg zijn.

Als ze in mei arriveert legt deze immigrant eieren waaruit meestal twee generaties vlinders opgroeien. En van juli tot augustus en n van september tot oktober.

Het wijfje legt haar eitjes stuk voor stuk op planten als de akkerdistel, de brandnetel en het kaasjeskruid. Als de eitjes uitkomen gebruikt de rups deze planten als voedselplant. (Meestal waardplant genoemd).
Hij is gemakkelijk te herkennen aan zijn geelzwarte stekels en de gele streep die aan beide zijden over zijn lijf loopt.

Hij leeft in de beschermende omgeving van losjes aan elkaar gesponnen bladeren. Na hierin een maand te hebben vertoeft verpopt hij zich en na twee weken verschijnt uiteindelijk de vlinder.
Door de witte vlekken op de zwarte toppen van de voorvleugels kun je hem onderscheiden van de Grote- en de Kleine vos.

Vliegtijd: mei (immigranten), juli en augustus, september tot in oktober.
Voorkomen: bloemrijke bermen en graslanden, parken, tuinen.
Waardplant rups: akkerdistel, maar ook brandnetel en kaasjeskruid.
Overwintert in zuiden.

 

ZOEKEN

 
 

GRATIS MAGAZINE

 

Schrijf je hier in voor het grat Schrijf je hier in voor het gratis magazine van het Biesbosch MuseumEiland!

 

ACTIVITEITENKALENDER

 

 

LAATSTE NIEUWS

 
Schrijf je hier in voor het grat
Museumroof

Schilderij St. Elisabethsvloed

Het Biesbosch MuseumEiland heeft de IDEA-tops Awards 2016 gewonnen in de categorie: Green Architecture

Green Key certificaat

Vrijwilligers

Bezoekers

Biesbosch Beleving

 
 
 

biesbosch.nu