START

RECREATIE

MAGAZINE

NATUUR

HISTORIE

EDUCATIE

OVER ONS

LOGIN

 
 

Gat van de Binnennieuwensteek
In de volksmond ook wel 'Gat van de Vischplaat' genoemd; zeer ondiep water ten westen van het spaarbekken 'Honderd en dertig'. Brabantse Biesbosch, Zuidwaard. Een steek is een lei-scherm van 130 roede lang wat werd gebruikt in de zalm- en botvisserij. Op oude kaarten van de 'verdronken Waard' zijn deze steken duidelijke waarneembaar. De voormalige polder 'Honderdendertig' (nu deel van het Spaarbekken met dezelfde naam) is vernoemd naar deze 'steken'. Hier moeten dus ooit 130 lei-schermen ofwel 'steken' hebben gestaan. De term Binnennieuwensteek heeft hier waarschijnlijk ook mee te maken. vis.

Gat van den Hengst
Sliedrechtse Biesbosch. Hengst is een uitgepaaide zalm. Na het paaien en afzetten van eitjes in de bovenrivieren en beken sterven de meeste zalmen. Een enkeling ziet echter kans om terug te keren naar zee. Deze sterk verzwakte zalm werd door de vissers 'hengst' genoemd. Er zijn uitzonderingen bekend die tot driemaal toe de tocht naar de paaigronden hadden gemaakt. Deze konden een lengte bereiken van 1 meter en wogen rond de 25 kilo.

Halfweg
Brabantse Biesbosch, Zuidwaard. Het gebied maakt deel uit van het griendencomplex 'de Dood'. Waarschijnlijk is Halfweg zo genoemd omdat de afstand over water van het huis op De Dood' tot Halfweg gelijk was aan die naar Werkendam. Ook was men bij Halfweg halverwege de grienden van De Dood van huis 'de Dood' uitgezien.

Havermanpolder
Brabantse Biesbosch, Noordwaard. Na de verovering van Breda in 1637 door Frederik Hendrik werd Adriaan Havermans benoemd tot griffier van Breda en hij heeft die functie bekleed tot aan zijn dood in 1653. Hij heeft zich vooral verdienstelijk gemaakt met de geschiedschrijving van Breda. De polder in de Biesbosch is waarschijnlijk naar hem vernoemd. In de collectie van het Stadsarchief Breda bevindt zich een uitgebreide collectie archiefmateriaal uit zijn bezit [afdeling IV-1].

Hengstpolder
Sliedrechtse Biesbosch. Deze polder is vernoemd naar de Hengst. Hier wordt niet een paard mee bedoelt, maar een oude benaming voor afgepaaide zalm. Na het paaien en afzetten van eitjes in de bovenrivieren en beken sterven de meeste zalmen. Een enkeling ziet echter kans om terug te keren naar zee. Deze sterk verzwakte zalm werd door de vissers 'hengst' genoemd. Er zijn uitzonderingen bekend die tot driemaal toe de tocht naar de paaigronden hadden gemaakt. Deze konden een lengte bereiken van 1 meter en wogen rond de 25 kilo. Dit wordt gestaafd door een opmerking in het boek "De Biesbosch niet langer een bos van biezen". van C.W. Rijkhoek. Hierin verhaalt een oude jager; 'Wel doemde er, op 'n gegeven moment, verebd tegen een zandrug, een enorme, mij onbekende vis op. Ik schoot 'm in mijn verbouwereerdheid neer en een toegesnelde maat identificeerde het bakbeest zonder mankeren als een monsterzalm. Bij kop en staart sleurden we het gevaarte (1.10m lang!) naar de keet. De visreus in Kralingen geveild, bracht f 125,- op, een bedrag in die dagen. We hebben er echt een jagersfeestje van kunnen houden!"

Honderdendertig, polder
Brabantse Biesbosch, Zuidwaard. Sinds 1972 spaarbekken voor drinkwaterzuivering. De voormalige polder 'Honderdendertig' (nu deel van dit Spaarbekken) is vernoemd deze zogenaamde 'steken'. Dit zijn leischermen die vroeger gebruikt werden bij de zalmvisserij. Hier moeten dus ooit 130 lei-schermen ofwel 'steken' hebben gestaan. De volgende polders zijn in het spaarbekken opgegaan: De Elft, De Anna, Gijsbert, Theresia, De Slek en Polder Honderd en dertig. Het huidige water 'Gat van Honderd en dertig' en de aanwas 'Groene plaat beoosten Honderd en dertig stammen nog uit die tijd. Op oudere kaarten wordt er overigens gesproken over de 'Groene plaat benoorden de Honderd en dertig. Kees Rijkhoek schreef in zijn boek 'De Biesbosch kerend tij...' uit 1970 echter; "... deze benaming slaat op de tijd dat hier 130 botsteken in het slik waren uitgezet, om bot en tong bij vallend water achter te houden. Deze botsteken waren van riet gemaakt en deze manier van visvangst ziet men nog op de Oosterschelde bij Bergen op Zoom".

Keizersguldenwaard
Oudste landbouwpolder in de Brabantse Biesbosch (anno 1802). In de tijd van Karel de vijfde (1500-1558) had men de munteenheid "Carolusgulden". Deze munt werd geslagen in Gelderland tussen 1546 en 1552 en daarna nog lange tijd gebruikt. Misschien is deze waard wel in deze munteenheid gekocht of verkocht. Er schijnt vroeger ook de uitdrukking "Het was des Keizers een gulden waard" geweest te zijn.

Kop van 't Land
Eiland van Dordrecht. In het midden van de 15de eeuw had men, vanuit Dordrecht, door het aanleggen van dijken, land teruggewonnen op de binnenzee die ontstaan was na de St. Elisbethsvloed. Het verste punt lag aan de Westkil ( later opgegaan in de Nieuwe Merwede) en kreeg de naam 'de Kop', en weer later de Kop van 't Land. Er is nog een verklaring; Op oude kaarten had het gebied vanaf de stad tot aan de Westkil de vorm van een vis. De namen 'de Kop', 'de Staart' en 'de Rug' zouden hierdoor deze namen hebben gekregen. Deze namen zijn nu nog steeds in gebruik.

Krakeelwaard
Oude naam van een polder die ter hoogte van de huidige Moordplaat ligt, Brabantse Biesbosch, Zuidwaard. Het woord krakeel betekend: a) Middelnederlands crake ('hard, schel') en keel ('stem'). b) Poolse krak ('rel'). In het Nederlands is daar -elen aan toegevoegd. c) Oudfrans querelle wat twist betekend. Misschien is er over deze polder om de één of andere reden onenigheid geweest.

Kwetsieus
Deel van de huidige Polder Turfzakken, Brabantse Biesbosch, Zuidwaard. Een 'kwets' is een soort peur. Een peur is een visgerei. Kees Rijkhoek schreef in zijn boek 'De Biesbosch kerend tij...' uit 1970 echter; "Van ruzie en strijd getuigen de namen Boerenverdriet en Kwestieus. Zij ontlenen deze naam aan de strijdvraag of een bepaald gebied als opwas, dan wel als aanwas moest worden beschouwd. Bleek het een aanwas te zijn, dan was het Staatseigendom, zo niet, dan was het eigendom van de aangrenzende polderbezitter".

Moordplaat
Het verhaal gaat dat een boer twee zoons had die niet best met elkaar konden opschieten. Dat deed de boer veel verdriet. Ze woonden (hoe kan het anders) in de Polder Boerenverdriet. Op een dag liep de ruzie tussen de twee zoons zo hoog op dat de een de ander met een hooivork in de rug stak. Dit alles gebeurde in de Polder Moordplaat. De zwaargewonde man zag nog kans te vluchten maar helaas voor hem, hij stierf een polder verder. In "De Dood" dus. Een andere, even onwaarschijnlijke verklaring, is dat op oude kaarten deze plek ook wel Noordplaat is genoemd. De legende gaat dat de Keizer Napoleon, die een beetje doof was, 'Moordplaat' verstond in plaats van 'Noordplaat'. Toen Napoleon deze naam vervolgens ging gebruiken deed iedereen dat voortaan maar want als Napoleon het zei, dan was dat voortaan zo.

 

ZOEKEN

 
 

GRATIS MAGAZINE

 

Schrijf je hier in voor het grat Schrijf je hier in voor het gratis magazine van het Biesbosch MuseumEiland!

 

ACTIVITEITENKALENDER

 

 

LAATSTE NIEUWS

 
 
 
 

© biesbosch.nu