START

RECREATIE

MAGAZINE

NATUUR

HISTORIE

EDUCATIE

OVER ONS

LOGIN

 
 

Nieuwe Kat De
In het begin van de negentiende eeuw waren de platen 'Oude Kat, 'Nieuwe kat' en 'De Hond' nagenoeg aan elkaar gegroeid. In de laatste twee waren reeds graslandomkadingen aangelegd. Door het afsluiten van het Wantij en de Kikvorskil in 1863/64, waardoor deze niet langer in verbinding stonden met de Groote Hel, werd de Noord-Boverpolder verbonden met de Nieuwe Kat. In 1870 legde A. Volker Lzn. uit Sliedrecht ten behoeve van de zalmzegenvisserij een kade aan op 'De Nieuwe Kat'. Volker was tevens aannemer en eigenaar van de polder en als pacht betaalde hij aan de Dienst der Domeinen het bedrag van fl. 25000.00. De zegenkade werd later doorgetrokken in de richting van de Ottersluis. In 1906 kwam het in handen van de Maatschap 'De Nieuwe Merwede'. Op de polder staat nog de boetkeet van de voormalige zegenvisserij. Het is rond 1932 per openbare verkoping bij het veilinghuis Mak te Dordrecht verkocht aan een van de vroegere aandeelhouders van de maatschap W. Kleyn Fzn. Deze verbouwde het tot een zomerhuis wat het nu nog steeds is.

Nieuwe Merwede:
20 kilometer lange en 500 meter brede rivier die de Brabantse Biesbosch scheidt van het Zuid-Hollandse deel. Na 1850 gegraven op de plaats waar ondermeer 'De Grote Hel of Westkil', het 'Gat van de Puttesteek', het 'Gat van de Vogelaar' en het 'Gat van Kielen' hebben gelegen. Men begon in 1850 met het aanleggen van kribben in de Merwede ter hoogte van Dordrecht, Papendrecht en Sliedrecht. Daarna volgden het uitbaggeren van platen in het geplande stroombed van de nieuw aan te leggen rivier. Deze werkzaamheden werden voltooid in 1866. In 1897 werden in de rivier een aantal dammen en kribben aangelegd en was het werk gereed. De inspecteurs van de Waterstaat Ferrand en Leopold Jean Antione van der Kun 1801-1864 hebben rapporten uitgebracht over de werken aan de Nieuwe Merwede. Curieus is dat de kades aan de rechteroever, vanaf de Kop van de Oude Wiel tot aan de Kop van 't Land, nooit echt bedijkt zijn. Er werd in 1881/82 wel een verhoogde oever gerealiseerd maar men had in die tijd al door dat bij extreme waterstanden de Biesbosch als waterberging moest blijven fungeren. Iets wat wij het laatste decennia weer hebben moeten leren. De Nieuwe Merwede is ook de naam voor een maatschap van zegenvisserij. Op de Nieuwe Merwede is lange tijd intensief gevist. Dit werd in eerste instantie door drijfnetvissers gedaan vanuit zalmschouwen. De totale vloot in en rondom de Biesbosch zou rond 1915 uit wel 250 zalmschouwen hebben bestaan. De rivier was onderverdeeld in een twintig dreven van elk ongeveer 2,5 kilometer. De dreven hadden namen als De laars, De zuidenklauw, de luchtbal of de Bovengrot. De industriŽle revolutie en de daarmee gepaard gaande mechanisering maakte de zegenvisserij tot een succesvolle methode. Met stoomsleepboten konden grote netten worden uitgezet die met stoomspillen weer konden worden ingehaald. De vangsten waren echter niet altijd even succesvol.

Noordplaat
Deze polder werd, tezamen met de Lange plaat en de Vischplaat ter compensatie voor het aanleggen van de spaarbekkens aan de natuurbescherming toebedeelt. Lebret 1997

Noordwaard
De Noordwaard (Werkendam) is een voormalige landbouwpolder die in het kader van ruimte voor de rivier is 'teruggegeven' aan de natuur. Nu een gedeeltelijk natte polder met veel mogelijkheden voor vogels. In 2015 moet de gehele Noordwaard ontpolderd zijn.

Notarishoek
Het gebied had bij de griendwerkers de bijnaam 'De Sacherijn' vanwege de vele brandnetels die er stonden.

Oosthaven
Kleine haven aan de Nieuwe Merwede. Toen de Dortse Biesbosch nog niet ingepolderd was lag hier een zogenaamde 'rol' een overtoom waar men bootjes over kon trekken zodat men niet het hele eind om hoefde te roeien of zeilen.

Otterkanaal
Gegraven in 1863/64 tijdens de aanleg van de Nieuwe Merwede. De open verbinding van de Kikvorsch kil en het Wantij met de Groote Hel (waar nu ongeveer de Nieuwe Merwede ligt) werd afgesloten door een dam. Om het scheepvaartverkeer doorgang te geven werd het Otterkanaal gegraven waarin men halverwege de Ottersluis bouwde. Het Otterkanaal begint dus bij de rode ton aan het einde van het Wantij en eindigt, na de sluis bij de uitvaart, op de Nieuwe Merwede.

Otterpolder
De ongeveer zeventig hectare grote polder is in 1859 of 1861 ontstaan. In de noordoosthoek was in 1851/52 reeds een twintig hectaren in cultuur gebracht. Dit stukje werd de Nieuwe Zuilespolder genoemd. Het maakte deel uit van de Kikvorsch of Ottergriend. Rond 1859/61 werd dit stuk samengevoegd met een ongeveer vijftig hectare groot gebied wat opgeslibt was tot gorzen. De bestemming was bouw- en grasland. De eigenaar van de polder was Tiedeman uit Princehage. In 1967 kocht de Gemeente Dordrecht de polder met de bedoeling er een spaarbekken van te maken. In 1979 ging de polder over naar Staatsbosbeheer. Al sinds 1898 pacht en boert er de familie Stoop.

Plomp
Bouwland. Voormalige eigenaar Waterwinbedrijf Brabantse Biesbosch wilde hier het vierde spaarbekken realiseren dit gaat niet door. Nu in eigendom van Staatsbosbeheer. Bestemming: Wetland.

Ruigten bezuiden de Peerenboom
In een verbaal van 1521-1523 wordt gesproken over 'een stuck van den ouden dijck (...) met een peerboom'. J.H. Hingman "De Maas en de dijken van den Zuid-Hollandschen Waard in 1421 pag. 32" 's-Gravenhage, 1885". Die boom staat bovendien afgebeeld op de kaart van Cornelis Cornelisz uit 1537 en van Pieter Sluyter uit 1560, zodat aangenomen mag worden dat dat dijkvak na de ramp bewaard is gebleven. bron: "Verdronken land, Herwonnen land". G. Renting, 1993. Vraag (red.): is er iemand die weet of dit de peerboom waar de polder 'Ruigten bezuiden de Peerenboom na vernoemd is? In 1804 komt de volledige omkading van de polder tot stand. In een artikel in het Dordrechtsch Nieuwsblad 12-3-1938 wordt gewag gemaakt van een onder een kleilaag aangetroffen muurwerk en bakstenen van voor 1421. Mogelijk gaat het hier om de kerk of een ander gebouw van het verdwenen dorp Houweningen. Bron: Verdronken land, Herwonnen land". G. Renting, 1993. In 1936 verhuisd de Famlie Groeneveld van Aalsmeer naar de boerderij op de polder. Ze waren de hoogste inschrijvers van een openbare verpachting. Zoon Jacob volgt in 1969 zijn vader op. Vanwege de ligging wordt er voornamelijk tarwe en suikerbieten geteeld. In het kader van de benodigde dijkversterking na de extreem hoge waterstanden van 1993 en 1995 werd in het voorjaar van 1998 uit de polder klei gewonnen. Hierbij werd een krekenpatroon aanlegt. Als de omringende kreken weer schoon genoeg zijn zullen de in de polder gegraven kreken weer met het buitenwater worden verbonden. Na afronding eigendom Staatsbosbeheer.

Ruwenhennip
15 hectare, eigendom Staatsbosbeheer. In 1962 inundatie door dijkdoorbraak, later hersteld. Klepduiker aangebracht. Water kan alleen nog de polder in stromen. Ontwikkeling naar moerasgebied. Tot voor kort werd hier nog riet gesneden.

 

ZOEKEN

 
 

GRATIS MAGAZINE

 

Schrijf je hier in voor het grat Schrijf je hier in voor het gratis magazine van het Biesbosch MuseumEiland!

 

ACTIVITEITENKALENDER

 

 

LAATSTE NIEUWS

 
 
 
 

© biesbosch.nu