START

RECREATIE

MAGAZINE

NATUUR

HISTORIE

EDUCATIE

OVER ONS

LOGIN

 
 

Deeneplaat

Algemeen
De Deeneplaat is het langste wandelpad (6 km) in de Brabantse Biesbosch en alleen over water te bereiken. Het is een prachtgebied en alleen de tocht er naar toe is al een avontuur op zich. In het gebied kun je dolen door vloedbossen, grienden en ruigten, mijmeren over waterpartijen, vogels bespieden in hun natuurlijke omgeving of, als je geluk hebt, worden verrast door een ree. Een ding is zeker, je zult (in welk jaargetijde ook) verbaast staan over de prachtige kleurschakeringen, een palet van tinten in een speciaal licht, zoals je dat alleen in de Biesbosch kan zien.

Biotoop
De Deeneplaat is een prachtig gevarieerd natuurgebied. Het ligt aan het Gat van de Noorderklip, een breed water op de Zuidwest punt van de Biesbosch. Het westelijke deel bestaat uit een ruig wilgenvloedbos. Het oostelijk gedeelte bestaat uit grienden die nog onderhouden worden zoals dat eeuwenlang is gedaan. Delen van het gebied lopen, bij hoge waterstanden, nog steeds onder water. Vandaar de naam wilgenvloedbos. Karakteristiek voor de Deeneplaat zijn de vletsloten. Via deze brede sloten werd met griendaken (lange platte schuiten) het rijshout afgevoerd. Verder liggen er nog veel zogenaamde klepduikers. IJzeren buizen met kleppen die ervoor zorgen dat het water bij eb uit de griend kan maar er bij vloed niet in.

Flora & fauna
Flora De Deeneplaat is n grote kruidentuin. Hoewel de brandnetel overheerst groeien er in totaal zo'n 130 soorten planten waaronder; valeriaan, look zonder look, groot hoefblad, wilgenroosje, spindotter, kaardebol en vogelmelk. De meest opvallende is de reuzenbalsemien. Deze soms wel 3 meter hoge plant is als enige in staat om de brandnetel tijdelijk te verdringen. Hij komt oorspronkelijk uit de Himalaya en is ooit door iemand hier uitgezaaid. Sinds de sluiting van de Haringvliet in 1970 is ze sterk gaan overheersen, wat in augustus resulteert in een zee van paarse bloemen. De meest voorkomende wilgen in de grienden zijn de schietwilg, kraakwilg, amandelwilg en de Duitse dot. Op de dijken staan populieren die aangeplant zijn om het binnengebied en de dijken te beschermen tegen harde wind. Tegenwoordig wordt het westelijke deel van het gebied aan haar lot overgelaten. Daardoor hebben de vlier en andere loofboomsoorten ook een kans gekregen. Op de bomen groeien allerlei mossen en korstmossen. Fauna De rijke flora in het gebied trekt een groot aantal insecten aan waar vervolgens weer veel vogels op af komen. Enkele interessante vogels zijn de wielewaal, de grote bonte specht en gekraagde roodstaart. De naam Deeneplaat kan verwijzen naar de deen (een kleine zwanensoort) die zich hier vroeger verzamelde. Dat doen zwanen overigens nog steeds alleen zijn het nu geen deenen maar knobbelzwanen die in het voedselrijke gebied energie opdoen voor de trek naar het zuiden. Tenslotte leven er in het gebied naast konijnen en muizen (waaronder de zeldzame Noorse woelmuis) ook reen en bevers. De laatste heeft er zelfs een burcht.

Historie
De Deeneplaat komt rond 1800 boven water. Op een kaart uit 1807 wordt de plaat vermeld als 'zanden, met laag water droog'. Na 1839 komt ze bij laag water zo vaak droog te staan, dat men besluit om het droogvallende gebied te omkaden met dijken. De naam Deeneplaat verschijnt voor het eerst op een kadastrale kaart van 1850. Het westelijk deel (ook wel 'Nieuwe Deen' of 'Deeneplaat 1' genoemd) wordt ingericht als griend en het oostelijk deel (ook wel 'Oude Deen' of 'Deeneplaat 2' genoemd) als weiland of bouwland. Later worden er echter in dit oostelijke deel ook wilgen aangeplant. In deze eerste fase van de griendcultuur verblijven de griendwerkers in zogenaamde schrankketen. Dit zijn hutjes van hout en riet. Na het zware werk in de grienden slapen de mannen naast elkaar in dit armzalige onderkomen. Vocht, koude en tocht, in combinatie met het zware werk, maakt dat alleen de sterken hier kunnen overleven. De bijnaam voor deze ijzervreters is 'grienduil'. Door het ketenbesluit dat de overheid in 1924 nam werden er vanaf dit jaar houten of stenen griendketen gebouwd. Hierdoor verbeterde hun situatie iets maar het hield niet over. De griendwerkers woonden van maandag tot vrijdag in deze keten. Op de Deeneplaat staan nog twee griendketen. Een houten van 1912 en een stenen van 1935. De vletsloot die door het midden van het gebied loopt is waarschijnlijk tussen 1920 en 1930 gegraven. In 1960 neemt Staatsbosbeheer de plaat over. De teruglopende vraag naar griendhout nopen hen echter om het gebied op een andere manier te gaan beheren. Het westelijke deel groeit al snel uit tot een wilgenvloedbos als men besluit de wilgen daar niet langer te kappen. In het oostelijke deel houdt men nog steeds een aantal hectare grienden in stand. De houten griendkeet (Zwarte keet genaamd) is in het jaar 2000 'heropend' na in originele staat te zijn gebracht door enthousiaste vrijwilligers van het informatiecentrum in Drimmelen.

 

ZOEKEN

 
 

GRATIS MAGAZINE

 

Schrijf je hier in voor het grat Schrijf je hier in voor het gratis magazine van het Biesbosch MuseumEiland!

 

ACTIVITEITENKALENDER

 

 

LAATSTE NIEUWS

 
Schrijf je hier in voor het grat
Museumroof

Schilderij St. Elisabethsvloed

Het Biesbosch MuseumEiland heeft de IDEA-tops Awards 2016 gewonnen in de categorie: Green Architecture

Green Key certificaat

Vrijwilligers

Bezoekers

Biesbosch Beleving

 
 
 

biesbosch.nu